Naar hoofdinhoud Naar footer

Zo werkt een dementienetwerk

Laatst bijgewerkt op: 26-03-2026

Dementie is een ziekte die bij iedereen anders verloopt. In elke fase van de ziekte is daarom andere zorg en ondersteuning nodig. Hiervoor is goede samenwerking binnen een regionaal dementienetwerk belangrijk. Dit is nodig om kennis, middelen en inzet van verschillende professionals samen te brengen. Dit zorgt voor een betere kwaliteit van leven van mensen met dementie en hun naasten. 

Een regionaal dementienetwerk is een flexibel netwerk waarin organisaties en professionals uit zorg en welzijn elkaar steeds opnieuw vinden rondom de persoon met dementie en hun naasten. Hierin werken diverse professionals uit verschillende organisaties met elkaar samen, zoals wijkverpleegkundigen, casemanagers dementie en huisartsen. Zij delen binnen het dementienetwerk met elkaar kennis en bundelen hun krachten. Zo ontstaat in hun regio ondersteuning en zorg die écht meebeweegt met de veranderende behoeften van mensen met dementie en hun naasten. 

Samenwerking in beeld 

Om goed samen te werken, is het belangrijk om duidelijke afspraken te maken met alle professionals en organisaties uit het dementienetwerk. Bijvoorbeeld rondom samenwerking met andere professionals in de zorg thuis, bij de overgang van thuis naar het verpleeghuis en in de ondersteuning van naasten. Deze afspraken moeten voor iedereen goed te vinden en te begrijpen zijn. Ze gaan bijvoorbeeld over: 

  • hoe de samenwerking binnen het netwerk is georganiseerd en wie waarvoor verantwoordelijk is; 
  • wie welke taken heeft; 
  • hoe het dementienetwerk laat zien wat de zorg en ondersteuning oplevert voor de persoon met dementie en de naasten. 

Goed samenwerken vraagt om duidelijke communicatie, vertrouwen en leiderschap. Hoe beter de samenwerking in het dementienetwerk, hoe beter de zorg en ondersteuning aansluit bij wat de persoon met dementie en hun naasten nodig hebben. 

Start met de huidige situatie van de samenwerking

Voordat je met je dementienetwerk bepaalt waar je naartoe wil, is het belangrijk om te weten hoe de organisatie van dementiezorg en ondersteuning in jouw regio ervoor staat. Dat kun je doen door een ‘foto’ te maken van de situatie op een bepaald moment. Vaak neemt de netwerkcoördinator hiervoor het initiatief. Zo kun vaststellen wat de kwaliteit is van de ondersteuning en zorg in de regio. En ontdekken wat mogelijke knelpunten zijn, hoe het zit met de samenwerking en wat de ervaringen zijn van professionals, cliënten en naasten. Hieronder vind je een aantal hulpmiddelen die kunnen helpen om de foto scherper te krijgen:

Zelfscan

Veel dementienetwerken beginnen met een zelfscan. Hiermee kun je in kaart brengen welke aanbevelingen uit de Zorgstandaard Dementie belangrijk zijn voor jouw regio. Ook zie je in hoeverre deze aanbevelingen al voldoende zijn uitgevoerd. 

Inzicht bestaand aanbod in de regio

Het is belangrijk om te weten welke organisaties er in de regio zijn voor mensen met dementie. Zo krijg je een beeld welke ondersteuning en activiteiten er al zijn voor mensen met dementie en hun mantelzorgers. Door dit op een rij te zetten, krijgen dementienetwerken een goed beeld van wat er al is, wat al goed georganiseerd is en waar nog iets te ontwikkelen is. Met deze inzichten kunnen dementienetwerken beter kiezen wat prioriteit heeft en gerichter samenwerken. De Zorgstandaard Dementie biedt professionals hiervoor richting en ruimte, passend bij de lokale context en de individuele situatie. De Zorgstandaard Dementie nodigt uit tot samenwerken, mensgericht handelen en het voortdurend blijven zien van de mens achter de ziekte. 

Inzicht in data

Je krijgt inzicht niet alleen door gesprekken, maar ook door gegevens. Denk hierbij aan cijfers en registraties, zoals gegevens van het CBS of meetinstrumenten. Door inzicht in data vanuit bijvoorbeeld Dementie in kaart wordt duidelijk hoeveel mensen met dementie in een gemeente of netwerk wonen. Daarnaast is er ook informatie uit de praktijk, zoals ervaringen, verhalen en interviews van mensen met dementie, mantelzorgers en professionals. 

Juist deze persoonlijke ervaringen laten vaak zien waar nog knelpunten liggen. Daarom is het belangrijk om aan het begin van een verbetertraject al na te denken over welke vragen je met gegevens wilt beantwoorden. Ook is het belangrijk om afspraken te maken over het veilig delen van gegevens binnen het dementienetwerk, volgens de privacyregels.