Veranderend gedrag
Laatst bijgewerkt op: 24-02-2026
Er wordt vaak over de termen ‘veranderend gedrag’ of ‘onbegrepen gedrag’ gesproken. Ook de term ‘probleemgedrag’ wordt regelmatig genoemd. Maar wat bedoelen we nu eigenlijk met ‘veranderend gedrag’?
Bij mensen met dementie kan het gedrag veranderen. Iemand die voorheen vriendelijk en rustig was, kan bijvoorbeeld regelmatig boos worden. Meer dan 80% van de mensen met dementie krijgt tijdens de ziekte te maken met gedragsveranderingen. Vaak denken mensen dat dit alleen gebeurt in een latere fase, maar gedragsveranderingen kunnen in alle fases van dementie voorkomen. Dit betekent dat het ook in de thuissituatie voorkomt. In dit thema vind je informatie, praktische tips en handvatten om het netwerk rond de persoon met dementie te ondersteunen, zodat je beter kunt inspelen op gedragsveranderingen en de zorg thuis kunt verbeteren.
Positieve en negatieve veranderingen in gedrag
Soms kunnen veranderingen in gedrag ook positief zijn. Iemand kan liever of zachter worden, of meer behoefte hebben aan nabijheid. Ook kan iemand meer genieten van kleine dingen, gevoelens makkelijker laten zien of meer in het moment leven. Naast verlies kunnen er dus ook mooie en onverwachte veranderingen ontstaan.
Toch zijn veranderingen in gedrag niet altijd prettig. Iemand die eerst rustig of vriendelijk was, kan ineens boos, achterdochtig of agressief worden. Ook kan iemand die heel actief was, ineens apathisch worden. Dat is vaak moeilijk voor familie en zorgverleners.
Het is belangrijk om te weten dat dit gedrag komt door veranderingen in de hersenen en dat degene met dementie hier niets aan kan doen. Begrip, geduld en steun helpen om samen met deze veranderingen om te gaan.
Veranderend gedrag in de thuissituatie
Mantelzorgers herkennen niet altijd dat bepaald gedrag door dementie komt. Vaak valt dit pas op als het een probleem wordt. Het is daarom belangrijk dat betrokken professionals, zoals de casemanager, de mantelzorgers en de persoon met dementie informeren over mogelijke gedragsveranderingen. Als er opvallende gedragsveranderingen zijn, kunnen de casemanager dementie en naasten samen kijken naar de oorzaak. Hiervoor is het belangrijk dat de casemanager de persoon goed kent. Een levensboek kan dan helpen, bijvoorbeeld door te kijken naar trauma’s of vaste gewoontes.
Concrete acties
Casemanagers, netwerk coördinatoren en andere betrokkenen kunnen de volgende acties nemen bij veranderend gedrag:
- Informeer mantelzorgers vooraf over mogelijke gedragsveranderingen.
- Observeer en beschrijf het gedrag samen met naasten en andere betrokkenen (wat gebeurt er, wanneer en in welke context?).
- Haal het levensverhaal van de persoon met dementie actief op. Gebruik als methode bijvoorbeeld het levensboek.
- Bespreek het gedrag binnen het netwerk van de persoon met dementie. Samen oplossen werkt beter.
Vilans
Geven onderstaande tips, tools of verhalen geen antwoord op jouw vraag? Kijk dan ook eens bij het thema Veranderend Gedrag op Zorg voor Beter, daar vind je nog meer handvatten voor zorgprofessionals in de ouderenzorg.