Naar hoofdinhoud Naar footer

Samenwerken bij veranderend gedrag

Laatst bijgewerkt op: 24-02-2026

Bij mensen met dementie kan het gedrag veranderen, wat soms vragen of zorgen oproept. Het is dan belangrijk om samen te kijken wat er speelt en wie kan helpen. Goede samenwerking zorgt voor meer begrip en passende ondersteuning. Lees meer over wie je daarbij kunt betrekken en hoe je dat samen aanpakt.

Wanneer het gedrag van iemand met dementie verandert en dit problemen geeft voor die persoon of de omgeving, is het belangrijk te bekijken hoe je het gedrag positief kunt beïnvloeden. Dit begint altijd met proberen te begrijpen waarom het gedrag er is. Is het een gevolg van de dementie? Of is het een teken dat er een lichamelijk probleem is, bijvoorbeeld een blaasontsteking? Of komt het doordat behoeften niet worden vervuld of doordat wordt afgeweken van gewoontes?  

In deze zoektocht kunnen verschillende mensen worden betrokken, zoals: 

  • de mantelzorger en naasten;  
  • de huisarts;  
  • een psycholoog; 
  • een specialist ouderengeneeskunde; 
  • een wijkverpleegkundige. 

Als de verandering in gedrag door niet-vervulde behoeften of het afwijken van gewoonten komt, helpt het om de persoon en zijn of haar levensverhaal goed te kennen. Naasten kunnen uitleggen wat belangrijk is voor de persoon met dementie en wat zijn of haar gewoonten zijn. Het is handig als zorgverleners dit in het zorgleefplan opschrijven, zodat ook nieuwe zorgverleners het weten. 

Ondersteunen van naasten bij veranderend gedrag 

Het is niet alleen belangrijk om te kijken hoe je het gedrag kunt beïnvloeden. Ook naasten hebben soms aandacht nodig, zodat zij goed om kunnen gaan met de veranderingen in het gedrag. Je verliest een beetje de persoon zoals je die kende, en dat kan voelen als rouw. Het is belangrijk om hier begrip voor te hebben. Het kan helpen als naasten begrijpen dat mensen met dementie veranderen en dingen anders doen of niet meer kunnen. Accepteren dat iemand veranderd is, kan rust geven voor zowel de persoon met dementie als voor de naasten. 

Als professional kun je naasten van mensen met dementie ondersteunen door aandacht te hebben voor hun gevoelens. Het is goed om verlies en rouw te erkennen: het verlies van de persoon zoals ze die kenden kan groot zijn en emoties oproepen die horen bij dit proces. 

Daarnaast kan uitleg over het gedrag helpen. Door uit te leggen dat veranderingen voortkomen uit de hersenen en niet persoonlijk bedoeld zijn, krijgen naasten meer begrip en rust. Ook kun je advies geven over wat helpend gedrag vanuit hen is en wat juist niet, zodat zij beter weten hoe ze kunnen reageren in verschillende situaties. 

Tot slot kan doorverwijzing naar mantelzorgondersteuning of contact met lotgenoten waardevol zijn. Het delen van ervaringen en praktische tips met anderen die hetzelfde meemaken, kan veel steun bieden. 

Reflectievragen om de oorzaak te vinden 

Bij veranderend gedrag kun je de volgende reflectievragen stellen. Ze helpen om de oorzaken van veranderend gedrag te achterhalen: 

  • Is het gedrag nieuw of eerder gezien?  
  • Kan er een lichamelijke oorzaak zijn, zoals pijn of vermoeidheid?  
  • Is er sprake van te veel of te weinig prikkels?  
  • Wat vertellen iemands levensverhaal of eerdere trauma’s over dit gedrag? 

Gedrag beïnvloeden door de omgeving 

Gedrag wordt voor een deel bepaald door de omgeving. Alles om ons heen kan stress veroorzaken of juist verminderen en heeft daardoor invloed op hoe iemand zich voelt en gedraagt. Kleine aanpassingen in de omgeving kunnen daarom een groot positief effect hebben. Door hier bewust naar te kijken, kun je gedrag op een natuurlijke manier rustiger en positiever beïnvloeden. Denk hierbij aan: 

  • Fysieke omgeving: een rustige, opgeruimde en overzichtelijke ruimte helpt mensen zich veilig en ontspannen te voelen. Het is belangrijk dat de omgeving vertrouwd en herkenbaar is. Let op prikkels zoals lawaai, drukte of fel licht, en zorg dat deze zo nodig beperkt worden. Een voorspelbare en duidelijke inrichting geeft houvast en vermindert onrust. 
  • Structuur en routines: een duidelijke dagindeling biedt veiligheid en duidelijkheid. Vaste momenten voor eten, zorg en activiteiten zorgen voor herkenning en verminderen stress of impulsief gedrag. Kondig veranderingen tijdig aan en zorg dat duidelijk is wie wanneer beschikbaar is voor ondersteuning. 
  • Activiteiten en tijdsbesteding: activiteiten die aansluiten bij iemands interesses, mogelijkheden en energieniveau geven zinvolle invulling aan de dag. Bied activiteiten aan op passende momenten en zorg voor een goede balans tussen inspanning en ontspanning. Voldoende rustmomenten zijn daarbij essentieel. 

Extra diagnoses en nu? 

Wanneer iemand naast dementie ook een andere aandoening heeft, zoals autisme of een licht verstandelijke beperking (LVB), is er vaak extra kennis en afstemming nodig. Het inschakelen van gespecialiseerde hulpverleners en het goed op elkaar afstemmen van de begeleiding kan dan helpen. Zo kan er beter met het gedrag worden omgegaan en kan de juiste ondersteuning worden gegeven. Bij het thema Mensen met een verstandelijke beperking vind je meer informatie over de juiste zorg en ondersteuning voor deze doelgroep